Aanpassing van de woningmarkt: waar zijn de banken?

Het merendeel van de Limburgse goegemeente is inmiddels overtuigd: we hebben niet méér woningen nodig maar andere. Er moeten dus ‘verkeerde’ woningen op ‘verkeerde’ plekken worden gesloopt, waarvoor de juiste woningen op de juiste plekken moeten terugkomen. Simpel toch?

Ja, als je corporatie bent. Wij zijn dat wel gewend: woningen van slechte kwaliteit vervangen door woningen van goede kwaliteit. Alleen Woonpunt heeft er de afgelopen zes jaar al ruim duizend gesloopt!  Voor beleggers ligt dat wat moeilijker; die beschouwen een slechte woning niet als een rammelauto die naar de sloop moet, maar als vastgoed waar bij verkoop nog wat aan te verdienen valt.

En als je als particulier nou toevallig eigenaar bent van die verkeerde woning op de verkeerde plek?  Al eens een particuliere woningbezitter gezien die dan zegt: ‘natuurlijk, dan breek ik ‘m toch af’? De bank ziet je aankomen! Want die hypotheek moet natuurlijk gewoon worden afgelost, en als je geen opbrengst uit het ene huis in de koop van een ander huis kunt steken kunnen velen een nieuwe hypotheek ook wel vergeten.

Het is daarmee hét politiek-bestuurlijke vraagstuk in de krimp: wie pakt de particuliere voorraad aan? Er wordt daarbij automatisch naar corporaties en overheid gekeken, maar waar zijn de banken? Als de waarde van hun onderpanden daalt omdat er te weinig vraag is naar bepaalde typen woningen krijgen zij daar toch ook last van? Of maakt de Nationale Hypotheekgarantie hen lui als het gaat om het voorkomen van waardeverlies? En waar is die maatschappelijke verantwoordelijkheid die ze sedert de grote reddingsoperaties van de overheid propageren? Uiten ze die door aan de voorkant in risicovolle gebieden strengere hypotheekvoorwaarden te stellen om risico’s te mijden – met als gevolg nog meer stagnatie op  de markt – of zijn ze bereid verlies op een paar woningen te nemen zodat de waarde van de rest weer kan stijgen?

Maatschappelijk verantwoord ondernemen is méér dan stoppen met investeren in de kap van het regenwoud; het is ook investeren in de leefomgeving van je eigen klanten. Door mee te betalen aan het uit de markt nemen van verloederend particulier bezit kan de leefkwaliteit van de omgeving fors worden verbeterd en waardedaling van omliggend bezit worden tegengegaan. Win-win, toch?